Saturday, August 28, 2010

De Hot Five en Hot Seven opnamen heruitgebracht

Some Like It Hot: The Hot Five Rediscovered (English) De Hot Five en Hot Seven herontdekt: Some Like It Hot (Nederlands) The Hot Five and Hot Seven recordings re-mastered (English) De Hot Five en Hot Seven opnamen heruitgebracht ( Nederlands)

Wat een geweldige muziek is dat en niet alleen uit historisch oogpunt! (vertaald) (Tom R.)
DE HOT FIVE EN HOT SEVEN OPNAMEN HERUITGEBRACHT
HANS KOERT

Een paar maanden geleden luisterde is naar de 4CD box getiteld The best of Louis Armstrong - the Hot Five and Hot Seven Recordings, uitgebracht door Columbia, gedigitaliseerd van de "original masters" door een groep o.l.v. Phil Schaap. In een eerdere bijdrage, getiteld De Hot Five en Hot Seven herontdekt: Some Like It Hot wees ik al op de hoge kwaliteit van deze bijna 85 jaar oude opnamen. Vandaag wil ik een aantal van die Hot Five en Hot Seven opnamen laten horen.

Lil Armstrong ( 1898-1971)

Lil Armstrong, geboren als Lil Hardin, getrouwd met Louis Satchmo Armstrong, had voor hem in 1925 een serie concerten georganiseerd met een orkest in de Dreamland club in Chicago. En, ook dankzij Lil, werd zo de Hot Five geboren, een groep afgekeken van Clarence Williams' Blue Five. Dankzij E.A. Fearn, hoofd van de opnameafdeling van Okeh, hadden ze het groene licht gekregen om, exclusief, op te nemen voor Okeh. Het was voor Louis niet moeilijk om de bandleden bij elkaar te krijgen voor deze studiogroep. Hij belde in eerste instantie oude vrienden, die hij nog vanuit New Orleans kende: Kid Ory, Johnny St. Cyr en Johnny Dodds deden graag mee en zijn vrouw Lil zou achter de piano plaats nemen.

The Hot Five: v.l.n.r.: Johnny St. Cyr - Johnny Dodds - Louis Armstrong - Kid Ory en Lil Armstrong

Ze begonnen om een repertoire bij elkaar te zoeken: I used to sit on the back steps of Lil's house and wrote five or six songs a day - just lead sheets. ( = Ik zat op het trapje achter het huis van Lil en schreef zo'n vijf á zes nummers per dag - alleen de melodielijnen) herinnerde Louis zich later, and Lil would put the other parts to them, cornet, clarinet, trombone etc. ( = en Lil voegde dan later de andere partijen toe voor de cornet, klarinet, trombone enz). Baby Dodds, die later in de Hot Seven's af en toe achter het slagwerk zat, herinnerde zich hoe er geoefend werd en iedereen zijn ideeën naar voren kon brengen: We weren't a bunch of fellows to write down anything; that would have made it too mechanical.( = We hielden niet zo van het opschrijven, dat zou het allemaal te statisch gemaakt hebben.). We would stop and talk it over more than anything else. (= We speelden, stopten en bediscussieerden alles tot in den treure). If there was any writing involved Lil would write down what the musicians were supposed to do. (= En als er iets genoteerd moest worden deed Lil dat - zij noteerde wat er van iedereen verwacht werd). ( Baby Dodds). Louis bepaalde voor iedereen wanneer hij een solo moest nemen en wanneer juist niet.

Lil Hardin sxheidde begin jaren dertig van Louis en ging muzikaal haar eigen weg in de jazz.

Eén van de meest virtuoze intro's in de jazz is ongetwijfeld die van Louis op trompet in West End Blues. De ultime test voor elke trompettist. Luister maar eens naar een fragment van dit nummer, gespeeld door Louis Armstrong's Hot Five, opgenomen in juni 1928. Deze Hot Five opname, waarbij de oude "cast" vervangen was door Fred Robinson op trombone, Jimmy Strong op rieten, Earl Hines aan de toetsen, Mancy Cara op banjo en Zutty Singleton op slagwerk (geweldig die perfect getimde meppen op het bekken - hiervan ga ik helemal uit mij dak). Inderdaad, voor wie heeft leren tellen, eerder een Hot Six dan een Hot Five, maar wie zal daar van wakker liggen? De naam Hot Five was immers een begrip!!

De schitterende geluidsrestauratie van de opnamen op deze Columbia 4CD box door Seth Foster, Ken Robertson, Tom "Curly" Ruff, Phil Schaap, Mark Wilder, Steve Berkowitz en Michael Brooks kan ik helaas hier niet laten horen. De fragmenten op deze blog komen van YouTube en niet van de CD - reden om deze schitterende verzameling te pakken te krijgen.

Louis Armstrong ( 1901-1971)

Louis Armstrong's Hot Five speelde in de zgn. New Orleans style, maar deze muzikale traditie uit het begin van de vorige eeuw had zich ondertussen geëvolueerd, nadat de musici New Orleans hadden verruild voor Chicago. De muziek, die Louis speelde was meegegroeid, maar de kenmerken van de New Orleans jazz, zoals de eenvoudige, maar nauwkeurige genoteerde arrangementen werden gecombineerd met spontane recht toe recht aan improvisaties (in vertaling)( The Essential Jazz Records (vol. 1) door Max Harrison a.o.). Tientallen, zo niet honderden boeken en artikelen zijn er al geschreven over de vroege Armstrong's en de Hot Five opnamen, dus waarschijnlijk zit niemand te wachten op nog een verhandeling van mijn kant, en daarom vind je die hier ook niet. Wel hoop ik, dat je, net als ik, verrast wordt door deze schitterende muziek en de perfecte geluidskwaliteit van deze 4CD box The best of Louis Armstrong ( the Hot Five and Hot Seven Recordings).

Alligator Blues ( oorspronkelijk uitgebracht als Alligator Crawl) op een Nederlandfse Parlophone uit 1936. (Hans koert verzameling)
Zelf heb ik twee Hot Seven opnamen op 78-toeren, The Alligator Crawl en de Potato Head Blues in mijn verzameling. Ik heb een 75-jaar oude Parlophone ( R 2185) 78-toerenplaat, een Nederlandse uitgave uit de The Second New Rhythm Style Series no. 115, waarschijnlijk uitgebracht in 1936 ( bedankt Han). Mijn plaat heeft de titel Alligator Blues in plaats van Alligator Crawl, maar het nummer is hetzelfde. Luister maar eens naar de Potato Head Blues, waarvan gezegd wordt dat het de beste is die Louis met zijn Hot Seven gemaakt heeft...........

Het nummer A Monday Date is ook zo'n opvallende plaat gemaakt door de Hot Five ( net als de bij de West End Blues eigenlijk de Hot Six). De plaat dateert uit juni 1928, toen de bezetting gewijzigd was: Louis Armstrong speelt nu trompet en is te horen met Earl Hines, die piano speelt en toendertijd zowat de beste pianist was die er rond liep. Wat een geweldig pianist. Aangezien het huwelijk met Lil verwaterd was, speelt zij geen piano meer in de Hot Five - uiteindelijk zou hun relatie in 1931 uitlopen op een scheiding. De andere musici kennen we al van de "Hot Six" opnamen hierboven. - Fred Robinson trombone, Jimmy Strong op rieten, Mancy Cara op banjo en Zutty Singleton slagwerk.
Earl "Fatha" Hines (1903-1983)
Earl Hines opent zijn eigen compositie met een fraai piano intro: Hey, say, Earl Hines, why don't you let us in on some of that good music, Pops? ( = Hey, Earl Hines, waarom laat je ons niet meespelen met dat fraaie stukje muziek van je?) vraagt Armstrong aan Hines na de intro. Well, come on, let's get together then. ( = Prima jongens, doe dan maar mee). Armstrong gaat verder: That sounds very good. ( = Dat klinkt erg goed). Hines antwoordt daarop: Yes, that sounds pretty good ( = Zeker, dat klinkt best wel goed). I'll bet that if you had half a pint of Mississippi gin you wouldn't say "That sounds pretty good".( = Ik weet zeker, dat als je een halve liter Mississippi gin op zou hebben je wel iets anders zou zeggen dan: "Dat klinkt best wel goed" ). Well anyhow we're gonna play anyway.(= Maar hoe dan ook, we gaan het toch gewoon spelen). Dan begint het nummer met een aantal schitterend getimde meppen van Zutty Singleton (alleen al voor die heerlijke droge tikken op de bekkens zou ik de plaat al kopen). Say, come on Zutty, whip those cymbals, Pops. (= Nou, Zutty, sla die bekkens maar eens, Pops)

Tenslotte nog een fragment, als eerbetoon aan Louis Armstrong's Hot Five met het, in mijn oren, verschrikkelijke doodgespeelde nummer, the Twelfth Street Rag, waarbij de melodie maar in je hoofd blijft hangen. Ook Fats Waller haatte dit nummer. Louis stoeit met het nummer, dat al tien jaar daarvoor door Earl Fuller met zijn Rector Novelty Orchestra was opgenomen, als of hij de draak steekt met de ragtimeachtige melodielijn, maar maakt er iets moois van en als je de ritmische patronen van de solo van Louis vergelijkt met die van John Thomas op trombone en Johnny Dodds op klarinet, dan hoor je snel wie hier de meester is. De droge knallen op de bekkens door Baby Dodds en de swingende tuba van Pete Briggs klinken fantastisch op deze opname.

Deze Columbia 4CD box, uitgebracht in 2008, is nog wel te bestellen bij de gespecialiseerde (online platenwinkel). Ook de JSP box heeft dezelfde opnamen heruitgebracht. Neem eens tijd om de muziek van de jaren twintig te herontdekken.
Hans Koert
keepswinging@live.nl


Een aantal bezoekers van de vorige bijdrage over deze Hot Five en Hot Seven opnamen reageerden ( But what fantastic music this is, it's not just a historical curiosity... )(= Wat een geweldige muziek is dit en niet alleen vanuit historisch oogpunt) ( citaat Tom R.). De Sony box, zoals die in de VS uitgebracht werd en de JSP-box uit Engeland, zijn van diezelfde hoge kwaliteit en hebben nog een paar extra tracks van de Johnny Dodds Black Bottom Stompers, die in feite de Hot Seven onder schuilnaam waren voor Brunswick.
Als je dit soort muziek aanspreekt en wilt horen, dan zit je bij Keep Swinging goed, aangezien die zich niet beperkt tot alleen de modernere jazzstromingen, maar schatten opgraaft uit de hele (jazz)muziekgeschiedenis ( 1910-2010). Wil je niets missen dan is
de nieuwsbrief wellicht een uitkomst. Vraag er naar!


Retrospect
Oscar Aleman Choro Music Flexible Records Hit of the Week-Durium Friends of the Keep Swinging blog Keep Swinging Contributions

Labels: , , , , , , , , , , ,

Tuesday, August 10, 2010

De Hot Five en Hot Seven herontdekt: Some Like It Hot.

Some Like It Hot: The Hot Five Rediscovered (English) De Hot Five en Hot Seven herontdekt: Some Like It Hot (Nederlands) The Hot Five and Hot Seven recordings re-mastered (English) De Hot Five en Hot Seven opnamen heruitgebracht ( Nederlands)

Ah, whip that thing, Miss Lil! Whip it, kid! (= Rammen maar, Lil, sla d'r op, kind .... )
DE HOT FIVE EN HOT SEVEN HERONTDEKT: SOME LIKE IT HOT
Hans Koert

De verzamelaar van 78-toeren jazzplaten lijkt een menselijke soort, die dreigt uit te sterven ..... Ze zullen herinnerd worden als een groep wereldvreemde, doch onschuldige, meestal blanke grijzende mannen (98% zijn van de mannelijke kunne), die platenbeurzen en tweedehands platenzaakjes afstruinen met onder de ene arm een stapel in grauw-grijze hoezen gestopte zwarte schellakplaten en onder de andere arm de twee lijvige delen van Rust ...... Ze kunnen alleen over matrixnummers en takes praten, Gennett of Brunswick's zijn hun geliefde onderwerpen, maar ook over testplaten en grammofoonnaalden raken ze niet uitgepraat. Tweemaal per jaar worden ze in Wageningen opgevangen ...... Ik denk dat je dit soort wel zult herkennen - R. Crumb heeft er één treffend afgebeeld op de hoes van The Stuff That Dreams Are Made For.
Deel van de strip: Why I'm Neurotic About My Record Collection van R. Crumb in het bijbehorende boekje van de 2CD set The Stuff That Dreams Are Made Off ( klik op het plaatje om het te vergroten) ( strip: R. Crumb)

Ze verzamelen de muziek die ze hoorden toen ze jong waren - misschien uit de platenkast van hun vaders of opa's. Hun helden zijn Bix Beiderbecke, Red Nichols, Louis Armstrong, Fletcher Henderson, Fats Waller, Duke Ellington of Jelly Roll Morton. Deze musici namen hun platen op in de tweede helft van de jaren twintig van de vorige eeuw en dit is de muziek die ze graag horen en verzamelen. De meeste verzamelaars van deze 78-toeren platen zijn nu, net als hun platen, oud en grijs gespeeld - de "jongere" generatie, nu 55-plussers, zweert bij de LPs uit de periode na Parker met albums, die verzamelaarobjecten geworden zijn van jazzmusici als Milt Jackson en John Coltrane, Eric Dolphy, Thelonious Monk en Miles Davis. Voor hen zijn die zwarte breekbare 78-toeren schellakplaten prehistorische relieken - vergane glorie en onbespeelbaar op hun "moderne" grammofoons, die alleen nog maar een schakelaartje met 33 en 45 hebben. Deze generatie negeert de muziek van deze oude meesters en doet ze af als ouderwets en primitief ........ mottenballenmuziek!
Voorkant van de 4CD box The Best of Louis Armstrong. The Hot Five and Hot Seven Recordings ( Columbia 88697301272)

Een paar maanden geleden kocht ik een box met 4 CDs getiteld The best of Louis Armstrong met als onderschrift: the Hot Five and Hot Seven Recordings, uitgebracht door Columbia, en overgezet vanaf, zo belooft de box, de "original masters" door een groep o.l.v. Phil Schaap. Ik plaatste het eerste schijfje in mijn CD-speler en werd verrast door de hoge kwaliteit van deze bijna 85-jaar geleden opgenomen muziek en het geluid van deze Hot Five en Hot Seven opnamen klonk nieuw en fris door de huiskamer, alsof de band gisteren in de studio had gezeten. Deze 4 CD box is voor mij één van de meest waardevolle bronnen uit de jaren twintig geworden. Twee jaar geleden had ik zo'n zelfde sensationeel gevoel met een andere heruitgebrachte set van King Oliver's Creole Jazz Band door het Off The Record label van geluidsrestaurateur Doug Benson.
Louis Armstrong ( 1901 - 1971)

In die Joe King Oliver's Creole Jazz Band opnamen speelden toen o.a. Louis Armstrong en zijn toekomstige vrouw Lil Hardin, Johnny Dodds en zijn broer Baby Dodds, die later allen in de Hot Five ( and Seven's) te vinden waren. In 1924 ging Louis weg bij Oliver en trok naar New York waar hij in het orkest van Fletcher Henderson ging werken, die een vast engagement in de Roseland's Ballroom had gekregen. Hierin hoorde Louis niet echt thuis - Fletcher Henderson's band was meer een dansorkest dan een jazzband, waarin Louis was "swing" moest brengen. Louis Armstrong verliet Fletcher Henderson's band voor het eind van 1925 op aanraden van Lil Armstrong, geboren Hardin ( ondertussen waren ze getrouwd) en richtte het studio-orkest de Hot Five op, met daarin Louis Armstrong op cornet, Kid Ory op trombone, Johnny Dodds op klarinet, Johnny St. Cyr op banjo en Lil Armstrong aan de piano. Deze Hot Five ( en later Hot Seven) trad niet echt op, maar nam alleen platen op voor het Okeh label. Op de paar opnamen die gemaakt werden voor Vocalion heet de band Lil's Hot Shots: De Hot Five maakte tientallen opnamen tussen 1925 en 1928 en, uitgebreid met tuba en slagwerk als Hot Seven.
De Hot Five (1925) ( v.l.n.r.: Louis Armstrong, Johnny St. Cyr, Baby Dodds, Kid Ory and Lil Armstrong. ( foto verzameling: Institute of Jazz Studies, Rutger University)
Deze Hot Five opnamen zijn bij alle traditionele jazzliefhebbers bekend, maar liefhebbers en verzamelaars van platen uit de periode na Byrd ( toen werd, volgens hen, de jazz pas echt interessant - toen gebeurde er iets!), kennen deze opnamen alleen van slecht geproduceerde LPs, die ze in hun vader's platenkast vonden, op obscure labels, met weggefilterde ruis, zodat het lijkt alsof je onder een dikke deken naar de luidspreker luistert ......... Ouwe troep, die niet interessant is.
Gut Bucket Blues - Louis Armstrong and his Hot Five ( OPgenomen in Chicago november, 1925) ( Okeh 8261)
De bekendste nummers van de Hot Five en Hot Seven zijn heruitgebracht op tientallen LPs en CDs: nummers als Gut Bucket Blues, Cornet Chop Suey, You're Next en Jazz Lips zijn klassiekers geworden. Tenslotte ter illustratie een fragment van Gut Bucket Blues, één van de titels, die tijdens hun eerste opnamesessie voor Okeh gemaakt werd in Chicago op 12 november 1925.

Op de plaat stelt Louis de leden van zijn band voor ( hier in een vrije vertaling) en de tweede stem is van Kid Ory.
Aw play that thing, Mr. St. Cyr, lawd. ( = Laat horen, meneer St. Cyr). You know you can do it. (= Je kunt het ...). Everybody in New Orleans can realy do that thing.(= Iedereen in New Orleans kan dat ........ ) Hey Hey. - Ah, whip that thing, Miss Lil! Whip it, kid! ( = Hey hey! Rammen maar, Lil, rammen maar kind.) Aw, pick that piano, yeah ( = Laat horen die piano, yeah) - Ah, blow it, Kid Ory, blow it, kid ( = Laat horen Kid, blazen man) - Blow that thing, Mr. Johnny Dodds! Ah, toot that clarinet, boy.” ( = Spelen, Dodds - blaas op die fluit, jongen)

In een volgende bijdrage meer over de Hot Five en Hot Seven opnamen van Louis Armstrong.
Hans Koert



De Nachtwacht van Rembrandt of de Mona Lisa van Leonardo Da Vinci behoren beide tot de Werelderfgoedlijst - onvervangbare kunstvoorwerpen, die beschermd en gekoesterd moet worden. Ook de grachtengordel van Amsterdam staat op die lijst, maar is er ook zo'n lijst voor jazzartiesten of jazznummers? De Hot Five en Hot Seven van Louis Armstrong horen daar in ieder geval op - met stip! Ik herontdekte deze muziek dankzij een prachtige 4CD Columbia-box, waarop deze 85-jaar oude opnamen schitterend gerestaureerd gepresenteerd worden. Het verbaast me dat voor veel liefhebbers van moderne jazz deze muziek taboe lijkt, ouderwets, gedateerd, vergane glorie, not done .... je moest je schamen!! De Keep Swinging blog maakt zich af en toe druk over dit soort vergeten muziek of genegeerde jazzmusici en als je dit gevoel deelt, maar niets wilt missen, vraag dan de nieuwsbrief aan. Je kunt op dit emailadres ook nazorg krijgen.

Labels: , , , , , , ,